ego echo

Het zou trouwens zo kunnen zijn dat u denkt dat ik mij niet veel meer van de wereld aantrek. Ik bedoel, het kwam nogal eens voor dat ik weer eens een tirade hield over hoe de mens mij in het algemeen enorm stoort. U ziet: tegenwoordige tijd. Vrees dus niet, ik ben nog altijd geen vriend van de rechtop lopende tweevoeter en verbaas (mild uitgedrukt) mij dagelijks – en dat dan weer de hele dag door – over wat ik zie, lees en hoor. En ruik en voel.

Toch, ik doe sinds een poosje bewust oprechte pogingen om al die idioterie hier zoveel mogelijk te laten voor wat het is. Ik geef daarbij ruiterlijk toe dat het mij bijna altijd zwaar valt om niet weer van wal te steken. Daarom geef ik liever geen garanties op een aanklachtvrij verblijf hier, nu en in de toekomst. Nee, maar dat u het weet hè? Niets zo grillig als mijn brein en de daaruit spruitende tikvingertjes.

Overigens las u hierboven dat ik het ruiterlijk toegaf. Waardoor ik moest denken aan hoe ik ooit op een paard reed. Zonder zadel. En rijden kun je het niet noemen, ik hield mezelf nogal in paniek – en tegelijk proberend zo min mogelijk coolness-factor te verliezen – vast aan het arme dier haar manen. Vind je het gek dat ze niet zomaar stopte? Dat moet pijn hebben gedaan, zoals ook ik wild hobbelend leed. Ik lag half voorover, half schuin op dat edele briesgebroed. En we denderden zomaar de straat uit.

Het was het paard van mijn toenmalige vriendinnetje. Ja, een verkleinwoord. Ik doe het liever niet, maar ach, de puberteit, dus dan mag je nog verkleinen, vind ik. Daarbij kwam onze erotiek niet veel verder dan samen Donald Duck lezen op haar bed. Na een paar weken zag ik trouwens beschaamd hoe mijn met pure zeep omhooggehouden piekhaartjes (de dark-waver die ik tenslotte was) haar behang hadden ingesopt. Dit klinkt wat vreemd, maar het is verklaarbaar hoor: ik zat tegen de muur als we lazen en liet er mijn hoofd steunen, dus vandaar die vaag witte plek na een week of wat. Of zij het opmerkte weet ik niet, praten deed je niet wanneer je zoende of las. We groeiden onvermijdelijk uit elkaar, zoals dat gaat als je 13, 14 of 15 bent. Na een maandje of twee, drie moet je verder met je kansloze leven.

Haar paard was in ieder geval zo lief om mij voor het eerst in mijn leven te laten ervaren hoe dat is, op een paard. Zonder zadel, zonder beugels en teugels. Maar dat had ik al gezegd. Jaren later reed ik op een paard langs een strand van Costa Rica. Nou, niet alleen het strand, want het was een tocht van vijf uur; zo lang en breed is het strand niet. Op een volledig opgetuigd paard, dat wel. Toch voel ik nog steeds mijn edele delen en broze achterwerk als ik terugdenk aan die rit. Los daarvan: het was wat je noemt een succeservaring te paard. Behalve dan dat ik helaas mijn favoriete hoodie onderweg ben verloren, dat doet nog steeds een beetje pijn. Verder was het een mooie dagtrip door de bossen en uiteindelijk dus het strand. In galop, alweer. Met een strand boordevol krabben die als een malle schuin voor je uit rennen. Echt, dat moet je zien om te weten hoe bizar dat is. Krabben doen niet aan zwermen, volgens mij, maar dit waren zwermen krabben, eindeloos veel. Schitterend gezicht.

Verder heb ik niets met paardrijden. Het zijn prachtige dieren waar ik niets dan ontzag voor voel. Ze lijken mij altijd iets uit te stralen van dat ze wel beter weten en ons gewoon maar een beetje in onze waan laten. Dat je god op je blote knietjes mag danken dat je op hun sterke rug mag zitten. Wat overigens geldt voor alle dieren, groot, klein, mooi, lelijk of zelfs kriebelig irritant: wij mogen in onze handjes knijpen dat ze er zijn, want zonder hen zou onze eigen diersoort allang uitgestorven zijn. Tik 'm aan, ouwe!

#paarden #paardrijden #waanvandedag #jeugd #puber #galop

Ja, je denkt natuurlijk dat ik met de titel eigenlijk Fad Gadget bedoel; de avant-gardistische muzikant die in 2002 op 45-jarige leeftijd overleed aan een hartaanval (dank je, Wikipedia)? Maar nee. Ik was nooit een liefhebber van deze peer, ondanks dat het wel zou moeten als je de algoritmes gelooft van muziekplatforms en ander geautomatiseerd gespuis. Je kent dat wel: vind je dit leuk? Oh, maar dan vind je dat ook leuk! Niet? Huh? Raarrrr! Error 404. En dergelijk gespartel.

Dus nee, sorry Fad. Ik bedoel echt: Vet! Gadget! Niet omdat ik een gadget-freak ben. Verre van zelfs. Het G-woord is niet aan mij besteed. Althans, zolang de uitzondering de regel bevestigd. En laten dat nu net die vermaledijde algoritmische regels zijn die liever niet hebben dat je kiest voor de uitzonderlijke regel. Snapt u mij nog? Fijn, want zelf vraag ik mij al jaren af waar ik het over heb.

Gadgets dus. Ik heb nogal eens de neiging om bij een winkel als Kruidvat – ja hoe verzin je het! – naar binnen te lopen om dan naar de tooltjes te kijken. Zo noem ik gadgets namelijk, tooltjes. Je kunt bijna geen Vat vol Kruid binnenlopen of ze hebben ergens een uitpuilend rek met zooi. Een graaibak, maar dan in kastmetplankenvorm. Een bende, altijd. En bij de grotere filialen hebben ze vaak nog meer van die chaos. Nog leuker dus. Niet dat ik er overigens rondloop met de drang iets te kopen. Ik verbaas mij vooral over de troep die er tussen ligt. Inwendig lever ik zuur commentaar, gewoon mijn gezellige zelf. Onmogelijk goedkope, en dus klevend van de uitbuitarbeid, shit. Een soort miniatuur-Action. Dat werk. Ach, u weet heus wel wat ik bedoel.

Toch ben ik sinds een dag of wat nogal onrustig. Ik zag in Rotterdam namelijk een cassetterecorder (!) waar ik best enorm blij van werd. Ondanks al mijn principiële incontinentie: ik wil dat ding hebben. Dan kan ik mijn tapes weer afspelen. En er zit een radio in, een USB- en SD-aansluiting, een ingebouwde microfoon, een hoofdtelefooningang. Plus brakke speaker. Allemaal overheerlijk verpakt in plastic soep door de eerder genoemde verweerde en bloedende kinderarbeidhandjes. Ik ben een vreselijke man, maar ik slaap nu nog slechter dan anders. Ergens ligt hier in huis een VVV-bon. Die bon moet worden omgezet in dit speelgoed speciaal voor mij. Kruidvat-speelgoed. Duivels!

Hoe erg is het met de wereld in mij dat ik dit onnozel gadget vet vind? Waarom vuurt het mijn liefde voor cassettebandjes aan, waarom moet ik door deze kapitalistische hel van hebbenhebbenhebben? Het vlees is sterk, maar de geest zwak, zo is het. Ook gij, Brutus! Mijn bandjes willen gehoord worden. Zij zijn mijn jeugd, mijn briljante audio-ideeën – alles wat ik ooit heb vastgelegd. Het schreeuwt om aandacht en ik vrees dat ik mijn oren zal laten hangen en binnenkort als een kind zo blij door de kamer zal huppelen. De volwassene in mij zal met een leeg hart en holle ogen veroordelend toekijken. Ik wens mij als geheel dan ook veel sterkte.

#cassette #tape #muziek #waanvandedag #recorder #jeugd

Kijk, ergens met veel plezier werken en dan moeten stoppen, omdat het in Uitzendland nu eenmaal zo is bepaald, dat is jammer. Zelfs als je dat van tevoren weet. Ergens hoop je (ik) toch dat als het van beide kanten gezellig is, dat je dan misschien wel kunt blijven. Maar nee. Zo gaat dat niet volgens de regels der uitzendbranche. So be it, ermee dealen, vooruit, ik kan het, heus, get over it, hoelangishetnugeledenhallozeg!

Een voordeel van ergens afscheid nemen is dan wel weer, tenminste, als de mensen wederzijds blij met je zijn, dat je dan een cadeautje krijgt. Het allerfijnst is wanneer je meerdere cadeautjes krijgt verspreid over, laat ik eens wat noemen, drie maanden. Dan bof je en daar is niets van overdreven.

Vandaag trapte ik voor mijn wekelijkse vrijwilligersbijdrage aan de samenleving stevig op de pedaaltjes en fietste met een stevige zijwind – maar ook met een werkelijk adembenemende koperen zonsopgang met buien in de verte, voor mij – naar mijn lieverds op IJburg. Iets waar ik elke keer oprecht naar uitkijk. En dan is het natuurlijk een extra dikke verrassing wanneer je zomaar ineens een mooi ingepakt pakketje in je handen krijgt. Want ja, ik heb in oktober een officieel document met daarop een aankondiging van pakjetegoed gekregen, dat ligt ook hier in mijn speciale kast met dingetjes, dangetjes, administratie en anders belangrijks, maar echt enorm onthouden heb ik dat niet. Tot vandaag.

Ik ben nu een mooie film rijker. Uitgekozen met liefde en aandacht, dat weet ik zeker. Ik kijk er naar uit om binnenkort op de bank te ploffen met mijn lieflijke deerne en ons visueel te laten verwennen. Dat klinkt nogal als sub-erotische soft-porno, maar gelooft u mij op mijn donkerblauwe oogjes: het is uitermate onschuldig en tevens geestverruimend vermaak. Mijn dank is alvast groot, dat staat als een meeuw op een paal boven eendengesnater.

Goed, film dus. Lekker kijken. Op het juiste moment, ergo nog even geduld, maar die kunst beoefen ik over het algemeen met verve. Of zonder verve, maar met kwast. Een rare kwast, dat dan weer wel. Misschien eentje zonder t. Een kwas. Ja joh, anders wordt het allemaal wel heel pruttiepruttie en blabla. Daarom. Brei er maar een eind aan.

#waanvandedag #film #vrijwilliger #cadeau #uitzendwerk #afscheid

Het probleem met mij momenteel is, in een notendop, dat ik allerlei plannen en ideeën heb. En hoe vaag en zelfs onbenullig ze soms ook zijn, het betekent uiteindelijk dat ik verlam en dus tot nadaniksnoppes kom. Vind ik. In de praktijk valt dat best mee, maar ik zie dat even niet. Tijdelijk ontoerekeningsvatbaar.

Ondertussen kan ik dan met enige jaloezie kijken naar alle prachtige werken die vrouwlief mij dan zowat elke avond toont. Momenteel is ze volop bezig met collage's maken; tiny collages. Ze maakt ze in een door haar gekozen, en alleen daarom al speciaal, boekje, op A5-formaat, zo ongeveer. Het ziet er in ieder geval geweldig uit. Inspirerend ook, maar dat is op dit moment dus de toegevoegde waarde van mijn staat van zijn.

Jaloezie is trouwens een groot en zwaar woord hoor, dus neem dat vooral met een flinke eetlepel zout. Goed kauwen en dan slikken. Moet jij eens zien hoe je daarvan opknapt. Nah, dat geheel terzijde. Ik wil gewoon teveel en van alles en dat liefst allemaal tegelijk. En dat gaat niet. Op zich geen hogere wiskunde en toch frustreert het enorm. Het meest irritante is dus die verlammende uitwerking.

Zo kom ik gisterenavond bijvoorbeeld niet verder dan een suffig zelfmedelijdend betoog over hoe zwaar ik het wel niet heb, hoe kut het leven is en waarom je überhaupt nog iets zou doen. Gewoon, de lekker grote thema's even plompverloren op tafel gooien. Ik wil dan verder ook niet dat er iets concreets mee wordt gedaan, geen hulp, goed gesprek of wat dan ook. Ik wil het vooral droeftoeteren, dan is het maar gezegd. Ventilatie to the max. Het blèren van al die shizzle helpt op zich al. En ja, stiekem helpt het toch ook wel wanneer mijn lieve medekunstenaar dan rustig probeert te blijven en wat doe-dingen opsomt. Dat ik mischien gewoon even mijn gitaar moet pakken, of tien regels uit een boek lees. Of iets anders wat niet al teveel moeite kost – en mij ondanks dat onmogelijk lijkt. Ik mopper en pruttel, klaag en bries, om uiteindelijk, in dit geval, dan maar met een levensvermoeiende zucht de zes heilige snaren te beroeren. Om daar dan vervolgens heel mismoedig wat op te rammelen en nog even te roepen dat al mijn liedjes stom zijn. Heerlijk volwassen deze man.

Goed, uiteindelijk kom ik er na verloop van tijd wel weer uit. Dat ellendige lagedrukgebied blijft vaak nog een dag of wat hangen en dan dondert het met regelmaat. Doe je verder weinig aan. Het moet overwaaien, wegtrekken of gewoon flink plenzen. Een psychische wolkbreuk. Geduld is in deze toestand eveneens een zaak van ware schoonheid, ik zeg het u. Mooier wordt het niet. Over een onbepaald tijdje lach ik er weer om, verweemoed ik.

Ach, alles relatief. Er barst een vulkaan uit zijn voegen, varkenshuiden liggen verspreid over de snelweg, een continent fikt af, de rente is nul komma niks, demonstranten wordt geweld aangedaan en toeslagen slaan toe. Het is maar een knusse greep uit de pracht die het leven pruilt.

#waanvandedag #bui #moodswings #stemming #creativiteit

Ik doe op dit moment een poging om iets levensvatbaars te schrijven. Maar het is zowat niet te doen. Zeg maar gerust kansloos. Dat komt omdat ik mezelf zowaar een jeugdige flashback gun. Muziek, u weet wel. Dus dan zit ik om de klap des havers maar wat voor mij uit te staren.

Eerder vandaag, na de vaste riedel van gedane arbeid, zette ik cd nummer 4 op van een speciale, mooi vormgegeven uitgave met 5 cd's van de vroege (en beste!) jaren van The House of Love. Toen ze nog bij het Creation-label zaten. Ik neem het u niet kwalijk als het allemaal even geen belletje doet rinkelen. Even goede vrienden. Daarna koos ik de cd Architecture & Morality van OMD. Een klassieker en misschien luidt dit wel ergens een bel, maar ook hier wens ik mij coulant op te stellen: geen zorgen wanneer het u nagenoeg of zelfs helemaal niets zegt.

Nou ja, en dan valt het typen van leesbaar voer mij zwaar. Zoals ik al zei daarnet; ik drijf continue af over een eindeloze oceaan. Soms kalm met helder weer, soms onstuimig en dan weer mistig. Herinneringen doen dat nu eenmaal. Die houden ervan om je soms keihard toe te lachen en dan ineens gaat het gordijntje dicht, ze tillen je op en kwakken je neer. Uiteindelijk voel je wel dat je ergens ronddobbert, maar waar precies? Geeft allemaal niets hoor, laat ze maar. Ik dobber of roetsj wel mee. Sowieso is een tripje in het verleden aan te raden op zo'n vage, miezerige dag als vandaag.

De wind waait zich bomen hout. Misschien wordt dat wel de eerste regel van een volgend geniaal gedicht, weet ik veel. Voorlopig chill ik 'm hard met muziek uit de tijd dat ik compleet lyrisch werd van wat ik hoorde en ik als melancholische puber fantaseerde over het leven voor me. En nu is het precies andersom. Hoewel, als bankhangoudere van gemiddelde leeftijd gunstig naar beneden afgerond, ben ik nog net zo'n melancholieke clown die zich kapot lacht om wat er nog komen gaat en koestert wat is geweest. Goed, het is heden tijd voor een verse cd.

#waanvandedag #melancholie #muziek #omd #thehouseoflove #cd

Het voordeel van het af en toe moeten verplaatsen van de vrijwilligerswoensdagochtend naar een zaterdagochtend, is dat je weer eens wat andere oud-biebcollega's ziet. Want je weet zelf hoe het gaat: afscheid nemen, voornemens met ja maar we blijven elkaar gewoon zien hoor, jullie zijn nog niet van mij af! en dan zomaar drie maanden later pas weer eens op zaterdag die kant op. (Behalve dan op de wekelijkse woensdag hè? Dus dat voornemen is best enigszins op de realiteit gebaseerd, zo is het ook.)

Vanochtend ging het met de Syrische lieverd over van alles en nog wat, zoals altijd. Het mooie is dat we in een zucht praten over hoe zij naar haar leven kijkt. Of ze spijt heeft van dingen, de vlucht uit haar land, de dromen die ze als kind had. En ik doe daar ook gewoon mijn duit bij in het zakje. Open, wederkerige gesprekken. Alleen die zijn van betekenis, vind ik. En ja, natuurlijk ontkom je ook niet aan de luchtledigheid des levens. Hoort er ook bij, prima, maar de gesprekken die al snel in positieve zin kopje onder gaan, die zijn mij toch het meest dierbaar.

In dit geval is het gelijk een lekker niveautje plus-plus ouwehoeren in het Nederlands. Probeer je voor te stellen dat je al zoveel achter de rug hebt en dan in amper vijf jaar helemaal opnieuw begint. Nieuwe taal, nieuwe gewoonten, totaal andere cultuur. Als je dan over de grote dingen kunt spreken en nagenoeg alles begrijpt, dan kan ik niet anders dan een diepe buiging maken. Oké, niet te diep, anders blijf ik erin en loop ik een dag of wat krom; dat tere lijfje van mij heeft zo z'n gebruiksaanwijzing, u weet dat als geen ander.

Wat mij van vanochtend het meest om mee heen zoemt is dat ze geen spijt heeft. Althans, niet van de keuzes die ze heeft gemaakt. Zoals de beslissing om het land te ontvluchten, zodat ze haar kinderen een grotere kans op een veilig leven kan geven. En hoe moeilijk het dan is wanneer de familie en vrienden die besluiten om te blijven het onbegrijpelijk vinden dat zij het nu moeilijk heeft, hier in Nederland. In dat rijke land waar iedereen alles heeft, iedereen rijk is, veilig en beschermd, goed verzorgd. Wat heb je dan nog te klagen? Ze moet dankbaar zijn. Dat moet.

Nogmaals, ik geef het je te doen. Ik kan het mij bijna niet voorstellen, hooguit een heel klein beetje, hoe moeilijk het zal zijn om helemaal opnieuw te beginnen met je leven. Werkelijk alles achter te laten in ruil voor eigenlijk net zoveel onzekerheid. Je vaak niet gewenst voelen en het gevoel een bedelaar te zijn omdat je geen baan kunt vinden en afhankelijk bent van een uitkering, ondanks dat je een universitaire opleiding hebt, een eigen bedrijf had. Maar ja, toen kwamen de bommen. Zoals ze zelf zegt: Syrië wordt door alle landen gebruikt als plek om oorlog te voeren.

Zuchten en verdriet hebben om wat er nu niet meer is en ook nooit meer zal zijn, dat kan niet. Schuldgevoel overheerst: zij is veilig, de achtergebleven familie niet. Maar je kunt het niet uitleggen aan elkaar. Zij kan hen niet duidelijk maken hoe het hier is, hoe haar leven nu is. Ook logisch en te begrijpen, van beide kanten. En tegelijk is het tragisch.

Nee, ze heeft nergens spijt van. Als kind droomde ze ervan een belangrijke baan te hebben. Minister, zegt ze lachend. Ze wilde in ieder geval niet zijn zoals haar moeder. Thuis, het huishouden, onderdanig en met alleen buurvrouwen als gezelschap. Een kleine, benauwde wereld. En het leek haar saai, heel saai. Nee, zij zou iets belangrijks gaan doen. Ze is nu 50 jaar oud. Haar kinderen zijn in principe veilig en kunnen proberen hun studies af te ronden en een baan te vinden; te leven zoals je dat doet in Nederland. Dat alles is ook iets groots, iets belangrijks. Daar is ze blij om en maakt haar gelukkig. Maar jammer voor zichzelf, puur alleen voor zichzelf en haar grootse dromen als kind, ja, dat vindt ze het wel. Het zijn twee dingen die losstaan van elkaar en net zo onlosmakelijk zijn verbonden. En ook al is ze hier niet echt thuis, ze zou nooit terug willen. Ze wil hier blijven met haar man en kinderen. Ook omdat je niet terug kunt naar wat er was, de herinnering. Ik zeg je, het is een wijze vrouw.

In haar schrift schreef ze tussendoor nog: ik maak veel mee –> meemaken, meegemaakt. En: Den Bosch = 's-Hertogenbosch en Den Haag = 's Gravenhage. Uiteindelijk zitten we er voor de taal. Die spreekt boekdelen.

#vrijwilligerswerk #Syrië #vluchteling #taal #coach #maatschappij #waanvandedag

Er zijn altijd wel van die eindeloos lijkende momenten dat de cursor mij verwachtingsvol aanknippert. Uitdagend, verleidend tot actie. Kom dan, tik dan, typerdetyp, hup! Het is goed bedoeld en meestal geef ik toe, want stiekem kan ik dat geknipoog niet weerstaan. Dan komen er letters, woorden en zinnen, zomaar. Niet uit het niets, dat kan niet, want niets is ook iets. Net als de hele oorsprong van alles. Dat kwam niet uit het niets, maar uit het iets. Alleen weet helemaal niemand wat dat iets dan is. Dus houden we het voorlopig op singulariteit: een punt met een oneindig klein volume en een oneindige grote dichtheid. Zo klein dat de tijd en ruimte die wij hebben bedacht er niet bestaan. Lekkere manier om hét vraagstuk der vraagstukken op te lossen, toch? Zoiets als een boodschappen doen en terugkomen met een tas vol met niks. Maar ja, er is geen niks, dus toch een tas vol.

Zo kun je jezelf helemaal gek redeneren. Of zoals mijn oma zaliger zei: even prakkezeren. Waardoor ik dan direct denk aan mijn vader die iedere avond kei-fanatiek zijn aardappelen en groente zit te prakken tot het zeer doet. En mijn moeder die hem al zowat 55 jaar trouw antwoord geeft op zijn steevaste vraag of er zout op zit. Zit er zout op? Ja Jan, er zit zout op. En dan draait ze nog net niet met haar ogen. Dat is knap, na zo'n lange tijd samen. Iets met liefde waarschijnlijk.

Nou, zo denk je dat je een zouteloos stukkie typt, maar stiekem gaan we van niets naar iets en dan zo van alles nog een beetje hier en daar, met liefde. Heb ik u toch maar weer mooi een minuutje of wat mee weten te vervelen. Goed, het is zo zachtjesaan tijd om de keuken te verblijden met mijn aanwezigheid. Een voertje maken voor vrouwlief die over een uurtje thuiskomt. Dat heeft ze wel verdiend na een dag op haar beentjes staan, heen en weer rennen en weet ik wat allemaal. Het boekenvak vergt nu eenmaal een topconditie in hoofd- en bijzaken. Pannetjes, here I come! En u wens ik verder nog een fijne avond.

#waanvandedag #singulariteit #natuurkunde #zout #huwelijk

Ik zit helemaal niet lekker. Dat is knap op een bank die zacht is met dikke ribfluwelen kussens. Maar toch, ik zit niet lekker. Is ook wel een beetje te verklaren. Ik zit half opzij, linkerarm onhandig over wat ik maar even een steunkussen noem. Met mijn rechterbovenbeen houd ik mijn schattige laptop in balans terwijl ik het kleine, stevige meditatiekussen tussen mijn benen klem. Dat heeft iets twijfelachtigs als je dat zo leest, maar echt, het is een nette boel hoor. Gewoon omdat ik het niet fijn vind als mijn knokige knietjes direct tegen elkaar aan klepperen. Vandaar dat kussen ertussen. We mediteren niet heel fanatiek en zo heeft dat kussen alsnog een geestverzachtende functie. Mijn bovenlichaam houd ik zo'n beetje haaks op mijn onderlichaam, zoiets. Niet helemaal, verre van eigenlijk, nu ik het zo eens bekijk. Ik hang maar wat halflam tegen de zijleuning met dat steunkussen lullig onder mijn arm en dat ander kussen tussen mijn knietjes geklemd. Het ziet er niet uit. En mijn hele linkerkant, van boven- tot onderbeen, tintelt nu als een malle. Dus wacht.

Zo. Even anders gaan zitten. Ik hield het niet meer joh. Ik heb nu mijn benen gestrekt onder een dekentje. Of tenminste, mijn voeten. De rest vat kou. En mijn linkerbeen is hier ook niet heel blij mee, merk ik al. Het tintelen was een paar tellen minder, maar het komt alweer terug. Anders nu, maar net zo irritant. Ja hoor, en nu begint het ook al onder mijn rug, richting mijn billen. Jongens, dit schiet niet op. Ik ga ingrijpen en hoop dat ik u later deze week, misschien zelfs morgen al, iets van een meer verheffend niveau kan bieden. Tot dan en met tintelende groet.

#waanvandedag #tintelen #zitten #lulverhaal #kussens

Ik was nog net geen 19 toen ik op mezelf en gelijk ook samen ging wonen in Schiedam. Een benedenwoning met een langwerpige ruime kamer, een keuken met een douchehoek en daarachter de behoorlijk grote slaapkamer annex atelier. Voordat je de woonkamer inkwam, kwam je via de voordeur (joh?) een halletje binnen, tussendeur naar de gang, toilet en een nis waar niet veel later een kattenbak stond. Want dat bleek onvermijdelijk als je samenwoont, een kat. Uit het asiel. Daarna nog maar eentje. Ook uit het asiel. En later zelfs nog een derde via vrienden, maar die kon nooit echt aarden en is later schier gelukkig geworden bij weer een andere bekende van diezelfde vrienden. Zoals dat dan gaat.

Het huis schilderden we grijs met een enorm grote paarse driehoek op de schrootjesmuur. Zag er destijds enorm cool uit, al dacht de verhuurder en tevens bovenbuur daar toch iets anders over. Desondanks lieten ze het maar zo. We waren tenslotte jong, kunstzinnig en vooral schattig naïef. Tegenwoordig noemen we dat de gun-factor, vermoed ik. We hadden geen cent te makken, een ijskoud huis met één kachel waar de katten graag voor zaten en uren naar de vlammetjes keken of gewoon in slaap vielen, een kapotte scooter voor de deur, een busabonnement: we waren best tevreden. Ik had een baan als baby- peuterleider in een kinderdagverblijf. Dat was een soort schijnconstructie dankzij een we knijpen een oogje toe-beleid van de gemeente. Deels loon (lees: onkostenvergoeding) gecombineerd met behoud van een RWW-uitkering, zo heette dat toen. Dus ja, het was flink knabbelen en schrapen, maar we overleefden het wel.

Ach ja. Nostalgie. Waarom ben ik verzeild geraakt in deze trip down memory-lane? Simpel zat. Vandaag waren vrouwlief en ik een dagje in Schiedam. Ofwel, na 30 jaar was ik ineens weer op een plek die ook nog eens vol ligt met wortels uit mijn prehistorische kindertijd. Moet je nog uitkijken ook, anders struikel je. Nou, we keken toch al uit, want er lag nogal wat poep op de stoep. Toch was het leuk om weer door het kleine centrum te zwalken. Rondom het station is alles flink verbouwd en ik had moeite om mij te oriënteren. Ik ben namelijk nogal een gevoel-van-vaag-idee-van-richting-persoon en richt mij op specifieke uiterlijke kenmerken. Dit wordt overigens door mijn lieve vrouw met regelmaat niet op waarde geschat met als gevolg dat zij vaak stilstaat en op haar telefoon de route checkt. Prima, ik ken mijn gebreken en inmiddels durf ik het ook best toe te geven wanneer ik twijfel aan mijn gekozen pad. Dat doet pijn, dat ook, maar het is een begin. Zij tolereert als tegenprestatie mijn onvermoeibare en vaak ook onnavolgbare anekdotes wanneer ik wel zeker ben van de route en haar alles vertel over toen en toen en kijk en zie en jeetje wow wat is hier toch allemaal veranderd! Zo zijn we gezellig in balans.

De reden van ons bezoek aan deze maffe stad die je soms met gemak doet vermoeden dat je in Gouda, Delfshaven, Delft of zelfs Leiden loopt, was het Stedelijk Museum. Er waren vier tentoonstellingen. We gingen vooral voor de collage-expo met als goede tweede reden een uiterst bescheiden selectie van de Cobra-beweging. Het was de moeite waard. Maar wat ons echt iets deed was juist datgene waar we niet speciaal voor kwamen: Modest Fashion. Voor ons een toegift van drie verdiepingen, maar heel overzichtelijk en geen overkill. Inspirerend, verrassend, indrukwekkend en ontroerend. Allemaal termen die zomaar hol kunnen klinken, maar dat waren ze nu eens niet.

Kijk, dat is dus het mooie van kunst. Het brengt je op plekken, letterlijk en figuurlijk, waarvan je soms alleen het bestaan vermoedde of geeneens vanaf wist. Dan is het fijn dat het is verzameld in een prachtig en verscheurd gebouw in een stad waar het achteraf gezien hoog tijd was om weer eens wat verse voetstappen te zetten.

#schiedam #expo #tentoonstelling #modestfashion #kunst #art #cobra #collage #nostalgia #waanvandedag

Vervelen is eigenlijk nooit een optie. Zelfs niet op dit tijdstip. Vandaag begon alles al mooi op tijd. Omdat ik nauwelijks nog echt een nacht doorslaap – Godelieke weet waarom ik nacht in nacht uit ergens tussen 2 en 5 om de haverklap wakker moet worden en me een slag in de rondte droom en dan helemaal naar de klootjes de dag dan maar hallo zeg – is het altijd weer een hele klus om op te staan wanneer het echt moet. Maar goed, als je dan die lieve koppies van collega's in de boekhandel ziet, dan weet je waar je het voor doet. Natuurlijk deden we eerst een rondje onvermijdelijk beste wensen en daarna werden er boeken verkocht, werd de inventaris nagelopen en pakte ik de verse zending boeken uit. En dat ik in mijn vrije tijd toch nog even de lunch ter plekke gebruik zegt genoeg over het plezante gezelschap.

Tegen twee uur stond ik natgeregend met gitaar en effectenkoffer inclusief goede moed te wachten op station Amstel. Vrouwlief zou ook daarheen komen en dan samen door naar Den Dolder. U verwacht nu natuurlijk dat de boel in het honderd liep, maar helaas, alles ging zonder vlekken. We waren dan ook in een poep en een scheet in ons oefenhok en repeteerden voor het eerst in zowat 8 maanden weer eens. Oud werk, maar ook nieuwe nummers. En dat allemaal om ons voor te bereiden op het optreden van 24 januari tijdens de Arnhemse Uitnacht. Je moet toch wat, dus dan maar gelijk iets cultureel goeds.

U begrijpt, net weer thuis, voldaan zelfs, hoogste tijd voor een welverdiende douche, pyjamafeest en thee. Dat ons gekke Donaldje ondertussen gezellig wat kolen op het vuur gooit in het midden van het oosten en we nu maar moeten afwachten of het echt helemaal en volledig uit de klauwen loopt, mag de pret niet drukken. Althans, nu even niet. Ik wens u allen een goede nacht met slaap zo lekker als slaap maar zijn kan.

#waanvandedag #mankes #uitnacht #arnhem #repetitie #boekhandel

Enter your email to subscribe to updates.