ego echo

Hopsa, net thuis van een avondje Heemskerk met MANKES, u weet wel, die te gekke kunstband. Jezus, wat zijn ze goed. Echt, ik maak hier geen grapjes over.

Van Amsterdam naar Heemskerk, dat is nogal een gedoe als je geen auto hebt. Daarom zijn wij dan ook GreenWheelers, voor de optredens. Maar, deze keer konden we sinds lange tijd weer eens de Betondorpse leenauto gebruiken en dat voelde toch fijn als vanouds, die hele riedel die daarmee samenhangt. Op de fiets de papieren en sleutel halen, dan door naar de straat waar de auto woont en dan, vroem-vroem, de partner in crime en onze spullen ophalen. Op naar de gig (dat klinkt hip, vandaar).

Goed, zoals wel vaker, als je dan vlakbij de podiumbestemming bent, is er nog even leuk een omleiding. Volg Z. Nou, dat viel nog niet mee. Gelukkig waren we op tijd, dat wel. Opbouwen, spelen en weer klaar, naar huis. (Dat is de notendop, ik bespaar de details die zeer de moeite zijn, maar ik moet naar bed joh, hoogste tijd. Dus even kort, oké? Oké.) Autootje ook weer naar het baasje brengen, fietsje pakken en trappen maar, jochie.

Wat mij dan dus vooral opvalt (en dat is eigenlijk het enige wat ik had willen typen, maar zoals u ziet: mission failed – en wéér een 'tussen haakjes', zo irritant!) is het kabaal dat reigers maken, zo midden in de nacht. Man, man, man (M/V). Bizar hoor. En dat niet alleen, ik vind ze ook nog eens vet cool, zoals ze dan met hun hele fukjoe-houding kaarsrecht intimiderend op de daken en motorkappen van de geparkeerde auto's zitten en mij vooral negeren, maar stiekem toch heus wel in de smiezen hebben. Bij volle maan, ook dat nog. Nou, dan vind ik dat fietstochtje van leenautostraat naar huis toch best de moeite waard. Weet u dat ook weer.

#waanvandedag #muziek

Er zijn ook dagen met dingen die boosheid als sneeuw voor de zon doen smelten. Gelukkig maar, dan kan iedereen weer opgelucht ademhalen, want mijn aanslag op de heerlijke mensheid wordt dan toch maar weer mooi eventjes uitgesteld. Hiephoi!

Zoals vanmiddag in de bieb. Een meisje van een jaar of 12, 13, zoiets. Ze verslond zo'n beetje alle planken met jeugdboeken. Ja, nee, niet echt natuurlijk, maar met haar ogen. Ze nam er uitgebreid de tijd voor. Op zich al een hastaggenietenmomentje, maar als ik dan zie dat ze het enorm lastig vindt om de ultieme keuze te maken, dan wil ik natuurlijk die opportjoenittie niet aan mij voorbij laten gaan. Dus dan doe ik mijn boekenadvieshoofd op, kijk heel wijs en toch laagdrempelig vaderlijk en pak met een joie de vivre van heb ik jou daar een pracht van een boek uit de kast, sla het zwierig open en steek mijn aanprijsverhaaltje af. Joh, echt, ik meen het, kinderen zoals zij beginnen dan spontaan te glimmen. Want die beetje vreemde biebmeneer doet alsof ze een volwassen bezoeker is, neemt de boel serieus en nog belangrijker: een dikke boekenktip van heb ik jou daar. Namelijk, en nu komt de meesterzet van ondergetekende, nooit het boek opdringen. Nee. Not done, no go area. Alleen maar vertellen dat je het zelf hebt gelezen. Als je daarover liegt dan ben je kansloos, die gastjes prikken moeiteloos door de leugen heen. Ken je doelgroep. Volwassenen trappen overal in, maar de lezende youngsters niet, mind you. Zeg ze wat je er zo mooi, bijzonder of interessant aan vond. Kort en krachtig. Tegelijkertijd het boek laten zien, binnenkant, omslag, beetje aanwijzen terwijl je vertelt, dat soort dingen dus, en dan toeslaan: het boek weer terugzetten met de woorden: “...dus als je zo meteen niets hebt kunnen vinden en je wilt het proberen, hier staat het.” En dan even kort aankijken, vriendelijk, beetje glimlachen, maar niet te manisch, of een knikje, en dan weer door. Want er zijn meer zieltjes te winnen. Voor iedere dolende minstens één boek.

#waanvandedag

Het is eigenlijk niet te doen om niet iets te schrijven over de kerk die in de fik vloog in Parijs. En dan vooral over hoe ik mij erger aan de, in mijn ogen, overdreven reacties. Dat het zo'n enorm drama zou zijn en dat op z'n minst heel Parijs, nee Frankrijk, of nee: heel Europa en de hele verziekte wereld! brandt. Ik word er spontaan megalomanisch van.

Of hoe er ineens wat miljardairs hun groezelige blazoen op denken te poetsen door wat luttele miljoenen te stoppen in de restauratie van het symbool van onderwerping, kindermisbruik en overige weesgegroetjes. Het Beest draait zich om in zijn graf en bij Belle rinkelt het alarm in alle toonaarden. Wat een waanzin. Maar het zal vast een interessante kapitaalinvestering zijn of anders een mooie gelegenheid om wat zwartgeblakerd geld van een witkwast te voorzien.

Zou toch fijn zijn als er met dat geld en met al die zogenaamde valse emotie iets gedaan kon worden aan, ik noem maar een hemelsbrede dwarsstraat, de onmenselijke toestanden in Calais. Die dan weer een gevolg zijn van zo'n beetje alle denkbare wreedheden die wij als sneue soort onszelf en het liefst anderen aandoen.

Dus ja, ik ben weer eens pissig. En ja, ik heb weer mijn stok om mee te slaan. Maak het mij dan ook niet zo verdomd makkelijk. En nee, ik ben ook geen haar beter, want helaas is ook mij niets menselijks vreemd. Waarvan akte, want ik loop rond met mijn zure kop en het gal spuwt ongecontroleerd alle kanten op. Ook geen pretje, zeg ik u.

Echt hoor, het is gewoon een fukking oud gebouw. Een wonder dat het er na al die honderden jaren nog staat. In die tijd leverden ze nog kwaliteit. Als je tenminste het aantal doden, gewonden en de heersende slavernij even wegdenkt. Iets wat overigens met gemak in het heden wordt overtroffen door het bouwen van voetbalstadions in Qatar voor de WK 2022. Lang leve de voetbalmaffia met de codenamen UEFA en FIFA. Er lijden en sterven dagelijks talloze mensen zodat wij straks gezellig voor de buis kunnen juichen. Zak chips erbij, niks aan het handje. Lekker ballen in die woestijn, zet de airco wel even wat hoger, anders is het niet te doen voor de zandverstuivende multimiljonairs met kicksen aan.

Goed, bijna net op tijd klaar om naar Joeventoes – Ajakkes te kijken. Een stukkie ontspanning kan ik als lamgeslagen Spartaan nu wel gebruiken.

#waanvandedag

Ik moet het toch weer heel even over onze Mark hebben, de schat. Hij beroept zich op een glazen bol wanneer, na constatering van de Raad van State, gevraagd wordt hoe het kan dat de brave burgers en buitenlui nu ruim een derde van hun inkomen aan belastingen kwijt zijn. En ook echt kwijt hè, want uw en ons lieve geldje wordt voor allerlei prachtige subsidies gebruikt, zoals bijvoorbeeld een driedubbel vervuilende biomassacentrale van Nuon of allerhande andere subsidies voor de armetierige Shell- en Unilevermaffia.

Maar laat ik het niet nog ingewikkelder maken dan het blijkbaar al is, althans, volgens ons aller lichtpunt in het Torentje. Want het is allemaal best uit te leggen hoor, al die niet uitgekomen voorspellingen van het CPB, maar, en ik parafraseer hier ons immer vrolijke snoesje met zijn guitige lachebekje, dat is zulke complexe materie, het is beter om het dan maar niet uit te leggen. Nou, dan weten u en ik dat ook weer. Wij zijn een dom volk en wij moeten gewoon braaf ons bek houden, niet zeiken en al helemaal niet zelf na gaan lopen denken. Dat is nog eens NormaalpuntDoenpunt.

Van pure schrik vatte een ander torentje in Parijs vlam.

#waanvandedag

Terwijl de vrouw des huizes onze nieuwe geluidskunsten mixt en meester maakt en ik met gewenste regelmaat ook mijn oren laat spreken, heb ik oogluikende toestemming om u allen ook op deze plek van nieuws te voorzien. Niet omdat ik zoveel heb te melden, verre van, maar toch niet laten kunnen hè?

Toch was het ook weer geen hele reguliere zondag. In de ochtend mijn werk in de boekhandel, dat is nogal gewoon, maar daarna werd ik getrakteerd door dezelfde Vrouwe Mixia op een fijne lunch bij onze vaste hangplek voor dit soort geneugten: Café 1900. Zoiets went nooit, vind ik. Dat is boffen in overtroffen trappen.

Ons dagelijks brood voor de aanstaande week haalden we onder het genot van een korte buurtwandeling met her en der wat groen subtiel verfraaid met diverse bedjes van smaakvol zwerfafval. De kassamedewerkers zorgden er in de vermarkte super met lichte stress voor dat we steeds nèt niet de vierde in de rij waren, met alle gevolgen van dien aard. Na dit hemelse avontuur was het tijd om met zeldzame spoed weer naar ons uitstulpinkje te peddelen om de laatste hand te leggen aan de muzikale telg.

Ik deel u met grote blijdschap mede dat het er op dit moment alle schijn van lijkt te hebben, maar hang mij er niet aan op, dat we in de loop van de week de mobiele studio zoetjes aan op kunnen ruimen. En dan? Door naar de volgende stap: hoesontwerp en dat soort beeldigheid. Pret voor tien, lieve lezertjes. En nu gauw onder de denkbeeldige wol.

#waanvandedag

Op de bank ligt een rijke sortering engagement, zoals dat zo mooi heet. De Groene Amsterdammer, Trouw, NRC, een buurtkrant en boeken van allerlei pluimage maar toch zeker verantwoord. Op de telefoon en laptop worden websites als De Correspondent, Brainwash, Bits of Freedom en good-old Teletekst frequent gevisiteerd. Tel daar wat sociale media-feeds (SM voor intimi) bij op en u ziet: deze kleine greep uit mijn nieuwsgierig leven geeft een aardig inkijkje van de wereld waarin er nagenoeg niets te missen valt. Nog net geen fomo, maar het heeft stiekem flink wat symptomen. En eerlijk gezegd is dat inderdaad om doodmoe van te worden. Al dat nieuws wat natuurlijk helemaal geen nieuws is. Het is alleen maar een minuscule selectie van de eindeloze brij berichten die elke minuut het daglicht zien. En ook dat is slechts een topje van een of andere ijsberg. Nieuws is alleen maar een keuze die ook nog eens – in mijn geval en in wiens geval niet? – flink is gekleurd naar eer en geweten.

Geen idee waarom ik direct na het wakker worden en tot kort voor het slapen gaan al die hele informatietroep tot mij neem. Geheel vrijwillig, ook dat nog. Soms houd ik mij voor dat ik een moderne activist ben die vanuit die denkbeeldige functie op de hoogte moet zijn. Van alles en wel het liefst nu. En dan maar retweeten, herplaatsen met een scherpe opmerking erbij of wijsneuzig aan iedereen die het niet horen wil alles eens even uit gaan leggen. Want ik weet namelijk alles te duiden, met gemak. Ik pluis uit, ik zoek op, ik duik erin en grijp de waarheid, mijn waarheid, bij de kladden.

Ergo: ik ben gewoon een ordinaire digitale roeptoeter. Een beeld waar ik helemaal niet zo trots op ben. Trots is trouwens net zo goed een lege huls. Net als hoop. Maar laat ik proberen mijn vrolijke kijk op het geheel niet volledig naar den kloten ten helpen, dus waar was ik? Oh ja, roeptoeter in de woestijn van bitjes en beetjes. Tja. Zoals ik al zei, ik heb geen idee waarom. Behalve dat ik stiekem denk dat het ertoe doet. Al zou het toch fijn zijn om het met een dwangneurose minder te doen. Ik heb er al genoeg. Wat dat betreft ben ik best lekker bezig: ik twitter inmiddels met mate (voor mijn doen) en alle andere SM staat nagenoeg op nul. En ja, Teletekst blijft verdraaid handig maar voor de rest toch vooral zoveel mogelijk de kranten versnipperen en meer tijd voor een fijn boek of gewoon wat voor mij uit staren, een tekening maken, mijn gitaar mishandelen of anders, vooruit dan maar, dit hele geklier over de heg flikkeren. Gaat lekker dus, u ziet het.

Hm, zoveel tevredenheid kan natuurlijk nooit goed zijn, ik zeg het maar vast.

#waanvandedag

Ik zit soms toch echt een paar seconden te wachten voordat het woord komt waarmee ik in kan loggen. Daarna verschijnt het witte scherm met de geduldige cursor die mij uitnodigt om de eerste letter van wat verder komen gaat te typen. En dat doe ik dan braaf. Omdat ik dat nu eenmaal zelf zo doe.

Jij ligt op bed. Je leest. Je wacht tot ik klaar ben en ook naar bed kom. Ik zit op de bank en ik typ. Ik weet dat jij wacht, maar dit moet eerst. Tikkerdertik. Met de klok mee. En over ongeveer vierentwintig uur is het tijd voor het volgende bericht en is dit hier wat je nu leest, net als de krant van vandaag, verleden tijd. Oud en afgedaan.

De tragiek zit 'm misschien nog wel het meest in de punt die een einde maakt aan de zin van alles.

#waanvandedag #proza

Oké, laat je heel langzaam wegzakken in die modderpoel. Verzetten heeft toch geen zin, dat weet je. Dus gewoon zonder tegenbeweging de boel letterlijk laten bezinken. Geen paniek, ook niet als je kopje onder gaat en geen lucht meer krijgt. Je weet dat het alleen maar inbeelding is. Je weet dat je eigenlijk hier thuis bij mij op de bank zit en naar de ladekast tegenover je kijkt. Gebiologeerd, in trance. Maar je bent hier, niet daar in die ranzige prut.

Ademen, blijf ademen. Laat het gebeuren, dan heb je dat maar alvast gehad. Zolang als nodig is kun je daar beneden blijven. Je zult uiteindelijk weer lucht krijgen, als vanzelf. Maar alles op z'n tijd.

Ja, heel goed, kom maar met die snik. Ik zie zelfs dat je ogen nat worden. We zijn er bijna, nog heel even volhouden. Mooi.

Zie je die gitaar daar? Ja? Mooi, pak 'm maar en dan, zoals we hebben besproken, zonder erover na te denken alleen maar je vingers een enkel akkoord laten vormen en spelen, rammen desnoods of heel zacht. Wat jij wilt. Blijf spelen tot het zeer doet en dan nog heel even daar doorheen. Dat kan je, dat weet je, dat is jouw veilige plek. Pijnlijk, maar fijn en veilig.

Goed zo. Klopt het dat ik zie en hoor dat jouw muziek is afgelopen? Ja? Man, man, wat een expressie, wow! Zet de gitaar maar weer terug en kom dan weer heel voorzichtig terug naar boven. Heel goed, rustig, rustig. Kom maar even bij, kalm aan. Dit is jouw moment, jouw tijd. Helemaal voor jou. Prachtig, echt heel goed.

Nou, dat viel nog best mee hè?

#proza

Toch hè, als ik dan onze straat in kom fietsen met de beloofde wind mee vanuit IJburg – eerlijk is eerlijk: een paar uur daarvoor heb ik er stevig tegenin moeten trappen, dus hallo, eerlijk verdiend! – dan kan die hele koude bries mij in de schoenen zakken wanneer ik zo'n jongen, half tegen het bellenbord, half tegen het raam van de oude onderbuurvrouw, met een grote zwarte ballon aan zijn mond en een lachgasfles zo groot als een fietspomp voor zijn voeten met een wazige kop nog maar eens flink hoor en zie inhaleren.

Ik kijk hem aan, hij kijkt mij aan. Ik zeg niks, hij zegt niks. Ik doe de deur naar de kelderboxen open en zet mijn fiets binnen. Ik loop binnendoor over de kleverige, vettige tegeltjesvloer naar de brievenbussen en tegelijkertijd komen twee meiden en dezelfde jongen binnen. Ik zeg niks, zij zeggen niks. Zij lopen voor mij uit de trappen op. De jongen heeft ruzie met de pomp die ergens halverwege aan de leuning blijft haken. Hij probeert dat zo nonchalant mogelijk op te lossen door er gewoon heel hard aan te trekken.

In het trappenhuis liggen sinds deze moeilijk te doorgronden nieuwe bewoners er zijn (ook zoiets vaags: wie woont er nu eigenlijk?) peuken op de grond. Er ligt vaak ook nog ergens een kapotte aansteker of een lucifer. Er hangt nog wel eens een dikke wietlucht, of wat het dan ook is wat zo ruikt. Gecombineerd met een doordringende sigarettenwalm. Je ruikt het gewoon hier in huis. En het is ook enorm nodig om net voordat je naar buiten gaat nog even snel binnen je saffie aan te steken, zodat we allemaal mee kunnen genieten van de stank. Er zijn ook vaak feesten en net zoveel ruzies. Tot midden in de nacht of tot in de vroege ochtend. Oké, iets minder sinds een week of twee, drie misschien, maar de eerste drie maanden van dit jaar was het ieder weekend raak.

De buren naast ons, die zelf ook niet vies zijn van een nachtelijke ruzie met veel geschreeuw, geduw en gebonk, zijn in de afgelopen periode regelmatig naar beneden gegaan om te klagen vanwege de overlast. Dat zal misschien de reden zijn dat de feestjes wat minder zijn geworden. Maar dat is het enige. De rest lijkt juist erger te zijn geworden.

Ja, je kunt praten. Ja, je kunt klagen. Ja, je kunt wijkbeheer en Zorgpunt inschakelen. Maar ik heb helemaal geen zin in al dat gedoe. En wie weet waar dat allemaal weer toe leidt? Vaak nog meer gedoe. Want zo gaat dat: er wordt niet ingegrepen, er moet vooral geduld worden geoefend en veel begrip voor elkaar worden gekweekt. Net zoals in die schattige folders staat op de foto's met het bijschrift dat 'we na een paar goede coachingsgesprekken elkaar nu begrijpen en de overlast is verdwenen: we drinken nu gezellig koffie!'. Yep. Toch heb ik de indruk dat zulke hoera-stukjes vooral door de toegenomen hoeveelheid verwarde personen wordt geschreven. Die dan later alsnog volledig doordraaien.

Ik wil gewoon rust aan mijn kop en mij veilig en prettig voelen in ons huis, onze gemeenschappelijke ruimten en samen met de buren om ons heen. Ik wil geen smerige wanden en vloeren, geen geruzie en gegil, geen gefeest tot diep in de nacht, geen ronkende auto's en scooters vlak onder ons raam. En als dat allemaal is opgelost, dan wil ik wat groen voor ons huis kunnen zien en dat de zon heel soms eens naar binnen zou kunnen schijnen. Al is het maar heel even in de ochtend. Maar goed, op de weg terug naar huis had ik de wind mee.

#waanvandedag

Middenin de zin viel de nacht, zo, huppekee met z'n sikkelmaan als een c in spiegelschrift. Heel onhandig. Dus nou, ja, dan weet ik het ook heel even niet meer. Pilletje erin en dan maar slapen, zoiets, denk ik – mezelf vind ik morgen wel weer ergens bij het restafval. Toedels!

#proza

Enter your email to subscribe to updates.