ego echo

De generatie na mij verkeert in een continue toestand van relaxte positiviteit. Zo lijkt het. Als ik afga op stopwoorden als top (toppie), super, nice, chill, geen stress, dan kan ik weinig anders concluderen. Gesprekken, nou ja – praatjes, worden gelardeerd met superlatieven. Vooral super is echt helemaal top. Want ook dat dus, echt helemaal. Als dat eraan voorafgaat, dan is er bijna niets dat het nog kan overtreffen. Zou je denken.

Zelfs zakelijke telefoontjes moet je in het land der dooddoeners en halleluja doorstaan. Nu staan uitzendbureaus al niet bekend om hun stoffige imago (geloof me, ze zijn net zo stoffig als je eenmaal in dat web zit, maar aan de buitenkant is alles hip, snel en spannend, echt helemaal supertop) dus moet je ook geen keurig praatje verwachten als je ze eens belt. In dit geval omdat mijn salaris afgelopen week niet is overgemaakt. Dat ging zo.

Hoi met Dax! – Eh, hoi, hallo... eh, met Johan. Hoi Johan! Wat kan ik voor je doen! – Nou, ik ben op zoek naar Darja. Helemaal goed Johan! Ze is aanwezig, dus ik ga even kijken of ze ook bereikbaar is! Mag ik alvast vragen waar het over gaat?! – Eh, mijn salaris van afgelopen week is niet gestort. Oké Johan, helemaal goed! Ik probeer haar te bellen en dan schakel ik je door, moment!

(stilte. in die stilte denk ik alleen maar: helemaal goed? mijn salaris is niet gestort. helemaal goed? raarrrr.)

Hoi Johan, daar ben ik weer! – Hoi. Het klopt hoor, er is iets misgegaan met het overmaken van de salarissen, maar dat maken we deze week goed, dan word je dubbel uitbetaald! – Oh, nou wel fijn dat het zo snel duidelijk is en dat het wordt opgelost. Ja, super toch?! Kan ik je nog ergens mee helpen!? – Nee hoor, prima zo. Fijne dag nog. Super, helemaal goed, dank je wel Johan! Jij ook nog een fijne dag!

Het is niet zo raar dat dezelfde generatie zo snel is opgebrand. Dit hou je niet vol joh. Om ze een hart onder de riem te steken drop ik hier wat vreselijke alternative rock uit de jaren 90. Toen MTV stiekem nog wel leuk was. Tracy Bonham. Mother Mother. Met die enorme kreet everything's fine!!! want daar is het mij in deze context van overtreffende trappen natuurlijk om te doen. Bedenk ik mij ineens dat ik dat nummer nog heb gespeeld met een coverband. Dat was gelukkig maar een eenmalig optreden. Niet echt top, zeg maar.

#waanvandedag

Sinds gisteren wordt er in de binnentuin een Japanse duizendknoop vakkundig om zeep geholpen. Nadat ik er wat over had gelezen bij grote vriend Wikipedia, concludeerde ik dat het geen eenvoudige klus is om deze knoop te ontwarren. Het had leuk geweest als er voor de biologische oplossing was gekozen, dan hadden we een paar schapen in de binnentuin gekregen. Zij zijn zo'n beetje de enige soort die deze plantaardige sushi eten. Ja, en wij zelf. Blijkbaar is het te vergelijken met rabarber. Recepten genoeg. Maar nee, het gaat hier tekeer met machines die af en aan rijden. Het mag wat diesel en benzine kosten. Dikke vette container voor onze giechel en volstorten maar.

De plant is wat je noemt een invasieve soort. Ofwel, nauwelijks tot geen vijanden in de omgeving en dus groeit, wroet, woekert en bloeit het ding naar hartenlust. Niet te stoppen. Net een mens. Dezelfde mens die door haar woekerend bestaan deze exoot over de planeet heeft gesleept. Toch altijd weer geinig hoe wij zelf uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor alle zaken die onwenselijk zijn.

Over timing gesproken (o ja?) – net nu het lekker begint te plenzen hebben de slooptuinders pauze. Dat geeft de inhoud van de container mooi de tijd om nog een beetje in te zakken, zodat er straks nog meer Japanse familie in gegooid kan worden.

Ik kan er niets aan doen, maar ik vind het erg treurig. Ik snap dat de duizendknoop een hoop schade kan veroorzaken aan rioleringen en weet ik wat allemaal. Ik geef toe, daar zit ik ook niet op te wachten. Maar toch. Het blijft de omgekeerde wereld.

Omgekeerd hing ook mijn nog amper droge broek op het balkon aan het wasrek. En met die regen leek me dat nogal tegenstrijdig: drogen om natgeregend te worden. Dus ik haal mijn broek van het rek, sla 'm uit, neem het ding mee naar binnen en vouw hem op terwijl ik naar mijn deel van de kledingkast loop. Vliegt er ineens een enorme mot (of toch vlinder?) uit. Arm beest. Die zit nu ergens hier binnen en ik heb geen idee waar. Zo zie je hem en zo is ie uit het zicht. Daar heeft het beestje vast een goede reden voor, maar handig is het niet. Anders zou ik hem voorzichtig kunnen vangen en buiten zetten. Terwijl het nu redelijk kansloos wordt voor 'm. Ik ben straks weg en hij kan geen kant op hier, behalve tegen het raam aanvliegen. Over een paar uur gaat het diertje ongetwijfeld de Japanse duizendknoop achterna richting de eeuwige vlindervelden bezaaid met bloesems zover je zien kunt.

Om een klein beetje in de sfeer te blijven: Fireflies make us sick. Feeding Fingers. En ik begrijp het als je vindt dat ze wel erg klinken als The Cure, maar dan Amerikaans. Ach, zoals eerder gezegd, het kan rotter.

#waanvandedag

In mijn linkeroor worden er, in dat overbekende veel te snelle ritme van een stem zonder pauze en ademhaling, zeven belangrijke en minstens levensveranderende feiten over Buffy the Vampire Slayer gedeeld. Ja, de partner in crime heeft zo haar zwakheden. En ik verdraag ze. De ene keer met gemak. De andere keer, nou ja, anders. Toch, sommige dingen moet je laten zoals ze zijn. Geloof gerust dat ook zij met regelmaat met haar ogen draait als ik weer eens aan kom zetten met een van mijn schuldige pleziertjes. Of in goed Nederlands: guilty pleasures. Ah, het is gedaan op links. Als je dagelijks nog meer educatieve Buffy-updates wenst te ontvangen, neem dan een abootje op het videokanaal. Plezier gegarandeerd. Tot zover mijn linkeroor. Op rechts de welbekende ruis en piep.

Vanochtend had ik zo'n moment van in mijn handjes knijpen, omdat het altijd rotter kan. Behalve opgroeien en leven in een tijd waar het water steeds vaker aan de lippen zal staan en de lucht die we inademen een zekere pijnlijke ziekte met de dood als gevolg heeft – het kan echt altijd nog rotter. In de supermarkt vroeg een jonge jongen in een enorme rolstoel, inclusief allerlei hightech schermen, vervaarlijke knoppen en een volledig zelfdenkende zuurstoftank, of ik zijn lege plastic fles voor hem in het flesseninnameapparaat wilde doen. Dat wilde ik. Ik voerde de machine de fles, drukte op de bonnetjesknop en gaf de jongen zijn waardepapiertje van 25 cent. Hij bedankte en wenste mij een fijne dag. Dat wenste ik hem ook nadat ik had gevraagd of ik nog iets voor hem kon doen.

Zo'n ogenschijnlijk nietsig voorval zoemt dan met mij mee de dag door. Die jongen komt dagelijks toch ook zijn bed uit, kleed zich aan en doet wat ie doet om de dag door te komen. Een leven dat ik mij gelukkig niet voor hoef te stellen. En dan van die zo vanzelfsprekende dingen als een flessenautomaat. Zit je in een kleine of grote rolstoel, dan kun je niet veel met zo'n flesseneter. Het 'gewone' leven zit vol met dit soort onmogelijkheden als je niet past in het profiel van de gemiddelde mens. Soms is het goed om er bij stil te staan dat ik domme mazzel heb. Zeker, genoeg gedoe, genoeg om over te mekkeren, genoeg ongemak en heus ook erger dan dat. Maar ik leef in relatieve vrijheid, relatieve veiligheid en kan in principe gaan en staan waar ik wil zonder er al te veel over na te denken. En dat is genoeg om wel over na te denken.

Niet geheel passend in het thema, tenzij je het heel letterlijk neemt, maar daarom niet minder geinig om weer eens uit het stof te halen. Pulp. Common People. Toen britpop booming was.

#waanvandedag

Deze dag staat voor het grootste deel in het teken van een nieuwe huiskamersessie. We vonden het er wel weer eens tijd voor. Ongeveer een jaar geleden namen we hier thuis een akoestische sessie op en dat is ons steeds bijgebleven als iets wat we nog eens wilden doen. Vandaag dus. En oké, we moeten nog beginnen met het opnemen zelf, maar de voorbereidingen zijn getroffen. Als het meezit en de donder niet al teveel door onze microfoons komt denderen, hebben we binnenkort weer iets moois voor onze trouwe fans en voor de fans die nog niet weten dat ze fan van ons gaan worden.

Goed, de laatste hand. Een potmetertje hier, een camerastandpuntje daar. Wat mooimaakspul op de smoeltjes en spelen maar. Duim maar mee.

Om het geheugen nog eens op te frissen en het geduld te oefenen: de sessie van vorig jaar.

#waanvandedag #muziek

Zo zit je met je bordje middageten op schoot naar het voetbal te kijken (ze spelen alweer erg slordig) en zo zit de buurman hier op de bank.

Arme man. Had zichzelf buitengesloten. Beetje in paniek. Hij vertelt dat hij vaker een beetje vergeetachtig is. Vaak omdat ie dan haast heeft of gewoon niet oplet. En nu dus dit. Hij wilde een mooi gordijn voor zijn deur hangen en trok uit een reflex zijn deur dicht.

Dus nou ja, dan doe je wat je kan om te helpen. Bellen met een noodnummer bijvoorbeeld. De situatie uitleggen. Hem geruststellen. Praatje maken. Gelukkig kwam de slotenmaker snel. Die hoefde niks te maken, dat was duidelijk. En hij deed precies wat we zelf ook al hadden geprobeerd met een oud bankpasje. Maar hem lukte het dus wel. Ervaringsdeskundige. Tien seconden, amper. Deurtje open. Hoera. Buurman als een kind zo blij, ik kreeg twee stevige knuffels en zowel mijn linker- als rechterhand werden geschud. En ja, ik ook blij. Alles net voordat ik zo zelf de deur achter mij dichttrek opgelost. Op naar mijn riedel in de bieb. Ook leuk.

Goed, nog even het laatste deel van de wedstrijd erbij, koppie thee voor de schrik en opwinding. Houdoe!

#waanvandedag

Atypische dagen, ze vallen me niet altijd mee. De partner in crime jeremieert geheel tegen haar zin in de dag door. Naweeën van de tweede prik. Een koortsachtige nacht en zo stommelen we de dag door. Gelukkig mag ik straks toch nog even met de stofzuiger door het huis. En dat, lieve lezers, is een zegen. Ik had expres gisteren mijn rondje door het huis afgeraffeld in de wetenschap dat ik vandaag het rijk alleen zou hebben en dus met slechts mijn stringetje aan en een dikke snor tussen neus en lippen door 'I want to break free' brullend de binnenhuishoudelijke riedel kon afdraaien. Maar goed, met enige aanpassing is er toch nog iets van te maken.

Daarna laat ik haar met rust en wandel ik via de winkels naar vriendin K om wat thee naar binnen te gooien en het leven te bespreken. We zijn alweer een week verder, dus wie weet wat er allemaal is gebeurd in al die dagen. Daarom.

Met een beetje mazzel komen we vanavond nog wel toe aan onze tweewekelijkse knip- en scheerbeurt. Tenminste, als de koortsigheid, vermoeidheid en alle andere randverschijnselen naar het land der Fabeltjeskrant zijn verwezen. Duimen maar.

Los van al dit geneuzel las ik een meer dan interessant interview met Willem Schinkel over necropolitiek. Ja, da's een woordje hè? Erger dan het woord is dat we er dagelijks mee te maken hebben. Het artikel verscheen in maart bij De Correspondent. Interesse? Beluister het interview (een dik uur) of lees de transcriptie (ongeveer 20 minuten leestijd).

Ha, een bericht uit Spanje. Daar zit er inmiddels een dag Barcelona inclusief shopaholicisme erop. Op zich leuk, denk ik. Ze heeft het naar haar zin, dat is veel belangrijker.

Tijd om u te verlaten met het liedje dat ik zojuist al even aanhaalde. Queen. I Want to Break Free.

#waanvandedag

Vriendin K zat hier van de week in haar vaste hoekje op de bank. Half onderuitgezakt deed ze haar levensupdate. Op een gegeven moment, illustratief voor haar staat van ellendig zijn, zei ze: ik moet nu mijn excuses aanbellen. U begrijpt, hilariteit alom. Ze wilde natuurlijk niet dat ik deze wonderlijke en tot de verbeelding sprekende zin zou noteren, maar daar heb ik poep aan. Dat weet ze. Inmiddels zijn we bijna een week verder en vind ik dat er voldoende incubatietijd is verstreken.

Aansluitend leek het mij wel weer eens tijd om de eindeloze lijst Verspreekwoorden weer eens bescheiden bij te werken. Dus zonder verdere vertraging. Komt ie.


Verspreekwoorden Hij koos de weg van de makkelijkste weerstand. Ik ergerde mij bont en blauw. Die mensen liepen met hun neus tegen de lamp. Ik probeer het even uit de kast te kijken. Het is roeien zonder einde. Het is met vallen en neergaan. Toen escaleerde het uit de klauwen. In een mum en een zucht. Je moet het bos tussen de bomen zien. Ik schoot uit mijn slof vandaan. Er liggen meer kapers op de loer. Dat is ingewikkelde koek. Ik zei het om je uit de kast te lokken. Er zijn kapers voor de deur. Ze eten met de kost mee. Te gooi en te gras. Stapje bij beetje. Ik denk dat ze uit hetzelfde laatje tappen. Dat doet je de nek om. Het leed is al geschied. Zo dom als een paard. Zo blind als een achtereind van een varken. Dat wordt gedaan om anderen in een zwart daglicht te zetten. Nu worden de bakens weer veranderd. Ik wil niet helemaal uit de bocht schieten. Hij is flink over de streep gegaan. Het vuiltje is uit de lucht. Daar kan je me echt mee tegen het plafond krijgen. Hij is flink uit zijn kluiten gegroeid. Jij moet eens op je passen tellen! Soms moet je dingen uit je handen loslaten. We gaan niet in de wolken lopen. Het is niet de bedoeling dat het kaartenhuis instort. Ik heb de pijlers op haar gezet. Ik ben op twee benen. Het past dichter bij zijn hart. Het water kruipt me om de mond. Je lult dat je barst. Het moet wel duidelijk recht staan. We komen uit hetzelfde schuitje. Het is door de kaart gestoken. Het bloed kruipt toch altijd weer omhoog. Ik ging bijna van mijn appeltje van de honger. Je moet het niet zo zwart op wit zetten. Ik mocht mezelf in de vingers knijpen van geluk. Die spreekt ook alleen maar bloemkolen-Engels. Je moet wel even aan de noodbel rinkelen. Ze was nogal langdradig van stof. Er worden geen conclusies verbonden. Mijn hart gaat helemaal op en neer. Dan verkoop je de beer voordat de huid eraf is. Je moet niet over de doden regeren. Ze heeft zich weer wat in haar hals gehaald. Hij loopt weer als een kikker. Maak dan je broek maar nat. Dat kwam goed in ons straatje naar voren. Ik laat me niet in de grap nemen. Het geeft een indicatie aan. Hij verzon alles uit zijn duim. Aan een dood paard moet je niet trekken. Het is misschien wel een blessing in the sky. Hoop doet vrezen. Dan kom je toch van een koude kerk thuis. Ik hink op twee poten. Je moet niet zo snel aan je conclusies trekken. Ze doen alsof ze boter op hun neus hebben. Het begint nu zijn vruchten af te breken. Het is met een harde hand afgewezen. Ik kon er niet heel veel touwen aan vastmaken. Ach, niet alles is rozenschijn en manenzon. Dat is hout op het vuur gooien. Je scheert het onder één kam. Daar moet je wel mee uit de voeten komen. Je wilt iemand ook niet tegen het verkeerde been schoppen. Ik loop op mijn tong. Ik kan er mijn natte vinger niet op leggen. Hij doet roet in het spel brengen. We hebben er geen windeieren van gegeten. We slaan ons er met de riemen die we hebben wel doorheen! Alles is in pannen en kruiken. Dat kun je hem mooi voor zijn kiezen gooien! Die schijt zeven peentjes! Ik wil mijn kans slaan. En toen pas viel de klik. Ik werk me uit m'n sloffen! Ach, ik zie wel waar het schip eindigt. Ik vrees met alle vrezen. Het is koren aan de molen. De hoge nood is nu echt aan de man. Ik raakte gewoon van de kaart. Dat was een piece of case. Er zijn kosten nog middelen gespaard. Het begint allemaal in te slinken. Ik ben helemaal in de kluts kwijt. Het springt me ineens te binnen. Dan krijg je de consequenties van je keuzes op je dienblaadje. Zo schiet je jezelf in je eigen schoenen. Ik erger me beurs en blauw. Er is geen sneeuw onder de zon. De boot moeten trekken. Ze hebben zich goed in de kijker gezet. Ik zie het wel voorbij verschijnen. Daar slaat het op neer. We hebben een goede advocaat in de arm geslagen. Het wordt venijnig in de staart. Even zaken op orde stellen. Ze voelt zich als een kip in het water. Ik lig elke maand krom om alle touwtjes aan elkaar te knopen. Ik ben wat voorbeoordeeld. Ze checken wat instellingen aan. Het zal helemaal niets uithelpen. We moeten het zelfvertrouwen omhoog kweken. De kaarten zijn nog niet verdeeld. Het is dat of zus. Alles begint door elkaar te smelten. De weg wordt vrij geplaveid. Dat moet je vooral doen als je bij hen in een goed dagblaadje wil staan. Van alles en nog niets. We kijken wel even hoe onze pet hangt. Die is aardig door de wol gewassen. Van toeters noch bellen weten. Ik kan toch geen handen met ijzer breken? Je moet niet zo hoog van de boom blazen! Ik haal het even uit de natte duim. Elk vogeltje zingt zoals het heeft leren fietsen. Er zijn wel steken blijven liggen. Anders zie je door het bos de bomen niet meer. Een vinger tussen de deur krijgen. De krenten uit de pap halen. We hebben de nul tegengehouden. Uit mijn slof springen. Dat is een beetje uit de hand geschoten. De emmer van de leiding was echt vol. Ik wil je niet voor de wielen rijden. Daar heb ik af en toe een handje vol van. Dat heeft echt zoden aan de dijk opgeleverd. Probeer je mij een luur aan te leggen? Dat kun je op je klompen natellen. Dat is zoeken naar een hooispeld in een berg. Ik stond wel even met mijn ogen te klapperen. In je portemonnee geknipt worden. Het gaat mijn pet te boven. Kop noch wal raken. Dat is een last van een pak van de schouders. Met de mantel der liefde wijzen. Voor je eigen eieren kiezen. Nog iets achter de deur hebben. Opeens zit je er met huid en haar in. Een knipoogje toeknijpen. Ik ben door de bomen het bos kwijt. Dat is een beetje te zwaar door de bocht. Zonder gekheid op een stokje. Het is er ons met de paplepel ingegooid. Zij haalt het vuil onder mijn nagels vandaan! Slechtschiks of kwaadschiks. Hier kon ik echt alleen maar een paar babymuggen ziften. Dan zakt het lood je toch in de schoenen?! Wij putten uit heel veel vaatjes. Daar zit een kennis van waarheid in. Ik zat even met m'n haren in het hoofd. Gemakzucht dient de mens. We moeten zorgen dat het niet te gooi en te grabbel gebeurt. Als je dat voor elkaar wil krijgen, moet je wel van hele hoge huize komen. We hebben niet zoveel in de pap te brokkelen. We hoeven het ei toch niet opnieuw uit te vinden? Die heeft technisch gezien helemaal niets in te brokkelen. Dan moet je een flinke duit in je portemonnee doen. Het zet nogal wat voeten in de aarde. We zijn aardig bezig de weg omhoog te krijgen. Maar denk maar niet dat ik mij uit mijn vel laat slaan. Daar had geen hond naar gekraaid. Klagen van steen tot been. Zo klaar als een huissie. Eén vlag maakt nog geen modderschuit. Dan help ik jullie uit de boot. Het is niet een nieuwe opzienbaring. We zijn weer eens blij gemaakt met een dooie mug. Ik wil je niet in een zwart daglicht zetten, maar... Daar durf ik mijn vingers niet voor te branden. We gaan geen zwarte pieten toesturen. We gaan geen zwarte pieten uitdelen. Zien maakt honger. Uit de kast lokken. Punt om punt. Jij moet effe indimmen. Er met twee ogen intrappen. Nu is het paard van stal! Er is vast een gat aan te mouwen. In de kast jagen. Ervaringen uitdelen. Dikke koek en ei. Als je dan het hek van de dam haalt. Gezien het toonbeeld. Een spaak in het wiel steken. Dan sla je onzin uit. Hij kijkt het door de vingers. Ze zien mij altijd boven het hoofd. Ik zit in de war. Nou vraag ik u af. De kok horen fluiten, maar niet weten waar de ketel staat. Waar vuur is, is rook. Het kwaad is geschoten. De eindjes bij elkaar knopen. Ze vallen door het ijs. Gisteren is de bom echt gevallen. Hij is door de mazen van de wet gekropen. Het is weer bagger en boos. Je voeten in het zand steken. Zuig je weer wat uit je mouw. Dat komt niet van de vloer. Vlieg- en kunstwerk. Daar verlies je geen buil aan. Aan de bel kloppen. We moeten het doen met de riemen die we hebben. Ik heb daar geen hoge hoed van op. We hebben de moed genomen. Van de goede zaak voor de orde. Even tussen twee lippen door. Nu krijg je het tussen neus en lippen mee.

#verspreekwoorden

De bijgebleven ochtenddroom. Mijn lieve en inmiddels oud-collega KE neemt afscheid van haar werk. Tenminste, eigenlijk had ze dat al gedaan (net als in het echt) maar ze kwam nog een keer terug om samen met iedereen een film te kijken. Met een praatje, voertje en dat soort dingen. Leuk. En toch zit het me de hele tijd niet lekker. We kijken die film, maar ondertussen denk ik: maar eigenlijk moet ik nu werken en wat zal iedereen wel denken als ik hier film kijk en mijn werk niet doe? Terwijl iedereen daar dus zit hè. Lekker bezig jochie. Nou ja, stel dat je dit leest, je weet wie je bent. Binnenkort doen we vast weer eens een biebtheedate. De goede oude tijd.

Want zo is het ook. Ik hou er niet zo van dat vroeger alles beter was. Dat was het heel waarschijnlijk niet, want ook vroeger zeiden we zuchtend dat vroeger alles beter was. Wat ik maar zeggen wil, de laatste reorganisatie bij de bieb betaalt zich vooralsnog uit in chaos op de werkvloer. Er zijn zonder twijfel flink wat kosten bespaard op personeel. Dat heeft grote, en naar mijn bescheiden mening, desastreuze gevolgen. Veel waardevolle kennis is wegbezuinigd en nieuwe collega's proberen tegen beter weten in hun best te doen dezelfde kennis zo snel mogelijk te vergaren. Niet heel onbelangrijk is dat het steeds moeilijker wordt om gewoon een boek te vinden waar het zou moeten staan. Zeg maar de kerngedachte van een argeloze bezoeker: ik wil een boek en dat zal vast vindbaar zijn. Kortom, er is gezellig een kolossale rots in het water geflikkerd en de golfslag is zwaar onderschat. Niet dat er ook maar iemand die bij het smeden van dit onzalige plan aanwezig was dit ooit zal toegeven. Same old story, altijd en overal. Ondertussen maken we er maar het minst slechte van. Al vrees ik dat dit zomaar de nekslag kan zijn voor een organisatie die ooit bekend stond als de beste van dit lage land – heb ik van horen zeggen – en voor de bibliotheek in het algemeen. Ik denk dat weinig mensen die over heel veel budget iets te zeggen hebben echt begrijpen wat een cultureel en maatschappelijk kapitaal er wordt vernietigd door de bieb niet serieus te nemen. De rekening volgt en zal onbetaalbaar blijken.

Van een heel andere strekking. Als je zou moeten doen waar je goed in bent, dan kun je zeggen dat ik vanochtend een eurekamoment had tijdens mijn rituele bezweringsrondje door het huis. Ik word dwanghandelaar.

Goed. Woensdag. Heeft niets met maandag van doen, maar het liedje zit nu lekker in mijn hoofd. The Killing Moon. Echo and the Bunnymen.

#waanvandedag

De dins zit in de dag. Dat betekent tot een uur of half drie in de middag tijd voor van alles en nog wat. Daarna gaat het vizier op het werk buitenshuis. Op naar de bieb. Dezelfde riedel geldt voor wanneer de donder en de zater in de dag zit, trouwens.

Waarom ik dit zo enorm nodig moet opschrijven weet ik niet. Ik zat maar met de dins in de dag door mijn weelderige brein te suizen. Daar kan je op zich niet veel mee, het is nogal abstract. En dan toch gaan typen. Eigenwijze bliksem die ik ben.

Op een bijna aanrijding met een vrachtwagen na is het hier een rustige toestand. De truck kwam bij de supermarkt zomaar om de bocht vliegen. Bijna geluidloos en dat verwacht ik nog steeds niet, maar ook die monsters op wielen worden steeds stiller. Daarbij is er genoeg stadslawaai om de boel te maskeren. Nou ja, ik zwiep mijn fietsstuur naar rechts, zo richting de slagbomen voor als je van of naar het parkeerdek wil. Een ervan ging net omhoog om een bezineboodschappenwagen van boven door te laten. Dus die geeft net wat gas. Ik sjor mijn stuur naar links, rakelings langs de vrachtwagen die gewoon ook maar doet waar ie voor is gemaakt: doorrijden. Uiteindelijk zonder schrammen en scheuren door deze penibele situatie heen gemanoeuvreerd. Weer wat meegemaakt en nog steeds in leven. Moet niet gekker worden.

Verder staat de ochtendmiddag in het teken van een nieuw nummer, wifi perikelen, lezen en ander huishoudelijk tuig. Oh, en de zeventienjarige die vakantie houdt in Spanje stuurde nog een schattige foto. Plus wat foto's van de plaatselijke Lidl folder die bol staat van de veganistische producten. Het kwartje valt op steeds meer plekken. Oprapen maar, ben je rijk voor je het weet. Moet ik ineens aan Kok en zijn kwartje denken. Dat viel dan weer niet zo lekker. Terwijl het uiteindelijk de enige optie is. Meer belasting om de schade van dik 250 jaar industrie te bekostigen en – om in de geest van een net geen aanrijding te blijven – abrupt bij te sturen.

Ga ik eruit met een bijna traditiegetrouwe muziekje. Dat kan alleen maar There is a light that never goes out van The Smiths zijn. Inderdaad, vanwege dat zinnetje: “And if a ten ton truck kills the both of us, To die by your side, Well, the pleasure, the priveledge is mine”.

#waanvandedag

En toen lag ik tegen het einde van de nacht ineens op de grond. Vooruit, dat is een beetje te dramatisch gesteld. Maar veel scheelde het niet.

Mijn nachten zijn altijd een aaneenschakeling van wilde avonturen. De eerste paar uur slaap ik wel oké. Meestal zo tussen middernacht en half vier, vier uur. Daarna begint het feest. Wakker worden, dromen, wakker worden. En zo verder. Tijdens een van mijn gedroomde levens draaide ik mij nogal bruusk om en al tijdens die slaapdronken zwieper wist ik: volgens mij heb ik te weinig bed aan die kant. Dat klopte. Dus met een wonderlijke manoeuvre wist ik te voorkomen dat ik volledig tussen wal en bed belandde. Uiteindelijk zonder al teveel gedoe weer in de volgende droom gevlogen. Die was ook het meest wonderlijk. Iets met hoe ik op Baudet aan het inpraten was over hoe hij ongetwijfeld intelligent zou zijn, maar dat op een totaal verkeerde manier gebruikte. Hij leek zowaar ontvankelijk voor mijn vurige spreekkoren. Aan het eind van het liedje was hij weg en bleef ik met twee partijgenoten over. Die vonden het allemaal wel best en hoog tijd om naar huis te gaan. Zat ik daar met een hele koffievaat en geen idee wat de beveiligingscode van het partijbureau was. Je maakt wat mee.

Dit typ ik dan uiteindelijk op een flink verweerd houten bankje in de gemeenschappelijke tuin. Zon op mijn kop, blikje cola ernaast. Gekregen van dochterlief voor Vaderdag. Samen met een hele mand aan veganistische lekkernijen. Mijn partner in crime zit daar dan weer naast. Ze tekent en drinkt ondertussen een blikje ranzigheid. Dat heeft die kleine hier zaterdag voor ze naar Schiphol vertrok achtergelaten met de boodschap dat het wel een lekker drankje is, maar ook zuur en bitter. Waarvan akte. Onze tandjes hoeven dit bocht gelukkig niet dagelijks te verwerken.

We pruttelen vandaag de dag door. Handje zaligheid erbij, boek in de aanslag. Morgen vangt onze deeltijdwerkweek weer aan. Dan is de link snel gelegd. The Worker. Fisher Z.

#waanvandedag

Enter your email to subscribe to updates.