ego echo

proza

De graaf loopt met modderige ogen en natte dweilen door zijn stoffige kasteel. Knokige handen, benige vingers met nagels zo lang en vaalgeel als de gordijnen die de meubels bedekken. Buiten kraaien hanen naargeestig als kippen zonder kop. De zon zag al jaren geen kans om nog door de dikke grijze wolkenmassa heen te breken. Gebroken glas, flinters gruis en scherven bedekken de vloer als achteloos zilverwerk. De glans is er nu wel af.

Hij kucht, hij gorgelt, hij hoest, hij stikt.

Daarboven, op de overloop tussen slaapkamers die nooit een oog dichtdeden, ligt zijn lichaam. Langzaam koelt het af, droogt het uit, rot het weg. Het huis verschrompelt, brokkelt af, stort ineen tussen hopen pleinvrees.

#proza

De vlinders sterven in hoog tempo uit. Dat is tragisch, triest en eigenlijk gewoon bizar. Bij NS keken ze jaren geleden al in de toekomst en werd er besloten om in de inmiddels oude, enigszins opgeknapte intercity's kapstokhaken, speakergaatjes en plafondspikkelkunstigheid in de vorm van vlinders te maken. Ter nagedachtenis tussen de rails.

Als ik niet uit had hoeven stappen, was ik waarschijnlijk ontroostbaar in een hoekje blijven zitten.

#proza #waanvandedag

Het kleine handharpje met vijf snaren staat na iedere stofzuig- dan wel stofsessie scheef op de vensterbank. Bij hoge uitzondering, want het is echt één van de weinige dingen die ik expres uit het lood neerzet. Gelooft u mij op mijn hemelsblauwe oogjes, voor de rest houd ik van alles netjes recht, etiketten naar voren, op houdbaarheidsdatum en meer van die dwangneuroses om mijn sneue zijn enigszins de waan van controle te geven. Maar de Harp van Opa, zoals het hier in de folkloorse mond heet, zet ik dus bewust zo neer: een beetje speels decoratief onder een hoek van pakweg 20 graden.

En juist dat is iets wat mijn doorgaans nogal nonchalante, zeker als het op dit soort dingen aankomt, levensgezel geestelijk dan juist niet kan bolwerken. Ik ben nu dus heel benieuwd wanneer ze weer met een lichte zucht en een voorzichtige klacht voor zichzelf uit mompelt dat de harp recht moet staan, dus parallel aan het raam. Ja, zo.

#waanvandedag #proza

Je kunt op de trefwoorden (hashtags) hieronder klikken om alle schrijfwaar per categorie te zien.

#gedicht #proza #waanvandedag #muziek #beeld #paraciteren #verspreekwoorden #korteverhalen

Wanneer het lopen zeer doet, de lange wandelingen, het eindeloze marcheren, de paden op de lanen in, bocht na bocht, na kruispunt na mijlpaal. Als alleen nog de jagende wolken het enige is wat je achter het rood en zwart voor je ogen nog vagelijk waar kunt nemen, het licht uitgaat in de wereld daarbuiten, het stilaan licht en wazig wordt in je hoofd, de schemering valt voor je voeten, je kuilen niet meer kunt ontwijken en struikelend, bloedend en misselijk je leven als een clichématige nachtkaars dooft, bedenk dan dat dit is waarom ze ooit marsepein uitvonden. Mierzoet en troostend. Jankend van suikerbomgeluk mag je dan eindelijk languit op je verweerde volle bek gaan. Rollend door de modder, snotterend van eeuwige dankbaarheid. Daarna komt de allesverscheurende kiespijn – kijk, en daar zijn kiezelsteentjes dan weer goed voor.

#proza

De ganzen staan soms op de weg en meestal zitten ze in de berm. Altijd met z’n vieren, soms eentje los van het kwartet, soms twee aan twee. Een enkele keer zitten ze gewoon midden op de weg, alsof dat is wat ze de hele dag al doen: daar zitten, meer niet.

Prima natuurlijk. Maar ook wonderlijk. Er lopen, fietsen en scooteren heel wat mensen langs. De hele dag door. Soms een auto. Bestemmingsverkeer. Veel joggers ook. Als je dat zo nog noemt, of is dat te jaren 80? Wat is het dan tegenwoordig? Hardlopen? Rennen? Als een volslagen idioot je hart naar de klote helpen? Want dat is het in mijn optiek. Ooit las ik eens dat ieder lichaam gewoon een bepaalde houdbaarheidsdatum heeft. Zoveel hartslagen, zeg maar. Tenminste, als je niet voor die tijd dood gaat aan een overdosis geluk of iets anders wat de boel wat dat betreft ontwricht.

Ganzen dus. Ik zie ze minstens twee keer per week en ik vraag mij af of zij mij ook twee keer per week zien. Als in: hé, daar gaat ie weer, dat mens op die fiets. Altijd alleen trappend en zwoegend. Eerst wind mee en dan straks wind tegen. Kijk, daar gaat ie. Met z’n beentjes en zijn hoofd en zijn pezige lichaampje. Kom, dan waggelen wij nog een klein stukje die kant op.

#waanvandedag #proza